Emmen

dagexcursie 2019 Noordoost-polder

6 juli vertrokken we met 23 personen met de ons bekende DIBO-bus, maar met een andere chauffeur, naar de Noordoostpolder. Het was bewolkt weer en gelukkig niet zo warm. Voor de zekerheid waren de paraplu’s mee.

Tuinen van anderen bekijken is altijd een leuke bezigheid. Hoe is de tuin aangelegd en ingedeeld? Zijn er borders op kleur of is het een mengelmoes? Is het een strakke rechthoekige indeling of juist langs vloeiende lijnen? Wat voor bijzondere planten staan erin? Wat mij betreft is de polder één grote verassing.

De eerste tuin, ‘de tuinen van Lipkje Schat’ was al een openbaring. De tuin was stukje bij beetje ontworsteld aan het boerenland. Het was duidelijk te zien dat er steeds een stuk bij genomen was. Er was een mooie blauwe kamer, een prachtige grasloper met aan beide zijden een metersdiepe border met rozenbogen. Ik ben jaloers op de planten die op de zeeklei wel drie keer zo hoog worden als hier. En wat doen de rozen het goed daar. De beplanting was niet echt dicht zodat de zware kleigrond (zonder onkruid!) zichtbaar was.

De tweede tuin: de “Goldhorn Gardens” was ook aan het boerenerf ontsproten, maar daar lag wel een doordacht ontwerp aan ten grondslag. De eigenaresse bleek zelf een opleiding gedaan te hebben voor tuinontwerper nadat ze door het tuinvirus gegrepen was. Na een prima lunch mochten we de tuin in. Van een zwembad en een grote vijver was zoveel grond overgebleven dat alle borders opgehoogd waren. Dat leverde een prachtige hoge achtergrondbeplanting op, die zo dicht was dat er geen plaats was voor onkruid. Voor mij was de sfeer in deze tuin haast Engels. Golvende borders, veel bijzondere plant variëteiten, mooie doorkijkjes. En dat alles onderhoudt mevr. Kloosterboer alleen! Met ook nog een winkeltje in landelijk kleding en brocante erbij. Petje af!

Na een korte rit die eigenlijk nog korter had kunnen zijn, kwamen we in de 3e tuin: de “Pegasushof”. Vanwege de dreigende lucht kregen we eerst een uitleg over de tuin met het bezoek aan de tuin en daarna konden we thee drinken in de welbekende authentieke boerenschuur. Deze tuin is ook grotendeels aangelegd nadat er niet meer geboerd werd. Het ontwerp is door mevr. Giesen zelf gedaan. Deze tuin was strakker met duidelijke zichtlijnen en strak gesnoeide hagen die als achtergrond voor rust in de tuin-, maar ook voor sculpturale elementen zorgden. Deze tuin was soberder aangeplant met borders op kleur. Voor mij was dit een meer formele “Franse” tuin. Inmiddels was het zachtjes gaan regenen en dropen we af naar de schuur voor een mini High Tea.

De overeenkomst tussen deze drie tuinen was dat ze alle drie op een boerenerf waren maar weinig tot geen boerenbeplanting hadden. Ze hadden alle drie grote vijvers, van strak rechthoekig tot natuurlijk ogende. Alle drie waren zeer gastvrij, hadden horeca faciliteiten en kunst in de vorm van keramiek, schilderijen en sieraden. En alle drie weerspiegelden ze het karakter van de eigenaars. Ook was nergens was een brandnetel of ander onkruid te zien. Het gras zag er uit als kunstgras, zo groen egaal en strak afgestoken. Hoe doen ze dat toch? De standaard NO-polder woning vond ik niet meer passen bij de tuin. Ik verwachtte een prachtig landhuis dat de rijkdom van de tuin weerspiegelde. Wat zou de vierde tuin opleveren in dat opzicht?

Wel….weer de standaard NO-polder woning en schuur. Deze tuin, de “Stekkentuin”, was ook ontstaan toen de vrouw des huizes gegrepen werd door het virus. Steeds weer een stukje erf in cultuur brengen en door schade en schande wijs worden. Nu is het een tuin waarin vooral bladvorm en kleur belangrijk zijn. Met een collectie van 300 hosta’s prachtig gearrangeerd achter een grote schuur, een plaatje. Verder veel hortensia’s. De vele stekken die deze tuin oplevert heeft de eigenaresse in de loop der jaren op een stuk erf geplant en daar kon je stekken kopen die haar echtgenoot er voor je uitgroef. En lange rijen Stokrozen vrolijkten de betonnen schuur op. 

Na het bezoek kregen we nog een drankje met een borrelhapje erbij. Pas om 17.30 uur zaten we weer in de bus met niet zoveel aankopen als andere jaren. Ik ben in ieder geval een hemerocallis rijker. Tegen 19.00 uur kwamen we weer veilig in Emmen aan.

Wat heb ik geleerd  van deze tuinen? Dat je border toch minstens 5 meter diep moet maken voor een mooie beplanting (gaat ‘m niet worden). Dat je geen mest hoeft te gebruiken in de polder, of juist champost of NPK. Dat je veel meer tijd aan de tuin moet besteden (gaat ‘m ook niet worden). En mocht ik nog ambities koesteren om mijn tuin open te stellen, dan geef ik dat onmiddellijk op. Zulke prachtige tuinen, daar kan ik niet aan tippen.

Iedereen die niet kon of wilde meegaan, raad ik aan zelf eens deze tuinen te bezoeken. Zeer de moeite waard. Misschien is het een idee om in het voorjaar, als de tulpen bloeien, een excursie te organiseren want dat schijnt ook fantastisch te zijn.

Ik dank het bestuur voor de organisatie van deze prachtige en inspirerende dag!

Margreet Spanjaard